Reglement

Reglement Beker en Clubkampioenschap 2014-2015

  1. Naar gelang het aantal deelnemers wordt het clubkampioenschap in één of in meerdere reeksen gespeeld. Na de sluiting van de inschrijvingen, bepaalt het bestuur het aantal reeksen en de samenstelling van elke reeks, met inachtneming van de uitslag van het vorig kampioenschap.

  2. Het bestuur bepaalt in welke reeks een nieuwe spelers kan spelen rekening houdende met de huidige samenstelling, de promoverende en degraderende spelers en de omvang van de reeks.

  3. De wedstrijdreglementen van de KBSB en de FIDE schaakregels zijn van toepassing.

  4. De punten die een speler ontvangt voor een partij zijn als volgt:

    • 0 punten bij forfait door de speler

    • 1 punt bij verlies van de partij

    • 2 punten bij remise van de partij

    • 3 punten bij winst van de partij of forfait door de tegenstander

    • in geval beide spelers een forfait hebben voor een partij krijgen de spelers 0 punten

  5. De partijen worden gespeeld volgens de kalender opgesteld door de toernooileider. Deze kalender omvat speeldagen en reservedagen. Partijen vangen aan om 20 u. De default-tijd voorzien in art. 6.7.a. van de FIDE regels wordt vastgesteld op 60 minuten na het voorziene aanvangsuur van de partij.

  6. Tempo is 1h30 + 30 sec per zet. Noteren is altijd verplicht. Een speler wiens tegenstander niet aanwezig is op het voorziene aanvangsuur mag de klok starten.

  7. Voor de beker wordt de tijd van de speler met het meeste Elo punten verminderd met het aantal minuten gelijk aan een tiende, afgerond naar de bovenste eenheid, van het verschil aan Elo punten tussen de hoogste en de laagste Elo. De beschikbare tijd van een speler bij aanvang van een partij kan nooit minder dan 20 minuten zijn.

  8. Het gebruiken van een mobiele telefoon of andere hulpmiddelen tijdens de partij is verboden zoals bepaald in artikel 12.3.b van de FIDE regels. Een speler die een toestel zoals bedoeld in artikel 12.3.b binnenbrengt in de speelzaal zal enkel een waarschuwing krijgen, tenzij hij zich van dit toestel bedient met een andere doel dan het uitschakelen ervan. Een speler wiens mobiele telefoon tijdens de partij voor de eerste maal afgaat krijgt enkel een waarschuwing.

  9. Ten laatste de dag vóór een partij doorgaat moet een speler die uitstel wil zijn tegenstander en de toernooileider ervan op de hoogte brengen. Indien mogelijk moet op dat ogenblik een nieuwe datum tussen de spelers afgesproken worden.

  10. De toernooileider kan, indien spelers niet tot nieuwe datum overeenkomen, een speeldag opleggen.

  11. In geval van heirkracht of bij onvoorziene omstandigheden kan de toernooileider tot afwijkingen op de kalender en speelschema beslissen of toestaan. De betrokken spelers worden van deze beslissing op de hoogte gebracht.

  12. Uitgestelde partijen die niet gespeeld zijn aan het einde van het seizoen worden als forfait beschouwd voor die speler(s) die om uitstel gevraagd hebben.

  13. Alle partijen moeten gespeeld worden in het clublokaal, tenzij de toernooileiding hierover anders beslist.

  14. De twee laagst gerangschikte spelers in de eindstand dalen naar een lagere reeks, terwijl de twee hoogst gerangschikte spelers naar een hogere reeks stijgen.

  15. De speler die eerste eindigt in reeks 1 krijgt de titel van clubkampioen. De winnaars van de andere reeksen krijgt de titel van reekskampioen.

  16. Er kunnen geen partijen gespeeld worden na de laatste voorziene speeldag, of reservedag.

  17. De speler met zwart kiest zijn plaats aan de tafel. De klok staat links van de speler, langs de ‘a’ lijn.

  18. De gespeelde partijen voor het clubkampioenschap komen in aanmerking voor het KBSB Elo verwerking. Een partij met forfait wordt beschouwd als niet gespeeld.

  19. Een speler die voor de helft of meer van de partijen tijdens het jaar forfait geeft wordt uit de eindrangschikking geschrapt. Alles punten, ook de tegenstrevers, worden geschrapt. De uitslagen wordt wel voor nationale Elo verwerking doorgestuurd.

  20. Wanneer twee of meer spelers gelijk eindigen worden ze gescheiden door toepassing van het Sonneborn-Berger systeem, behalve wanneer het gaat om de eerste plaatsin een reeks en om de aanduiding van de spelers die dalen of stijgen. In dat geval zullen de betrokken spelers onderling bijkomende partijen spelen om de eindrangschikking te bepalen. De toernooileider bepaalt het speelschema.
    Indien na de bijkomende partijen er geen scheiding is in de rangschikking worden de volgende systemen toegepast:

    • Sonneborn-Berger

    • Median-Buchholz

  21. Tegen beslissingen van de toernooileiding of wedstrijdleiding kan beroep worden aangetekend bij het bestuur.

Eerst de vriendschap en dan de competitie.

Goedgekeurd door het bestuur.

19/08/2014

Voorzitter.

Jan Vanhercke

Tornooileider.

G. Verlinden